Theorie

De Tibetaans boeddhistische theorie van leven en sterven

De theorie van leven en sterven, boeddhistisch perspectief

 

In deel 1 van het boek van Sebo Ebbens ‘Op de golven van geboorte en dood‘ wordt de theorie van de Tibetaans boeddhistische visie op leven en sterven besproken. De theorie komt van het Tibetaanse dodenboek en is aangepast aan de Nederlandse situatie. In onderstaande tekst is een samenvatting te vinden van de acht theorie-hoofdstukken uit deel 1.
In deel 2 van het boek zijn diverse beoefeningen en reflecties te vinden. Klik voor een overzicht daarvan op beoefeningen.

Deel 1 boek: theorie

Hoofdstuk 1.  Overgangssituaties

Dit hoofdstuk geeft een algemene inleiding in de visie van het Tibetaans boeddhisme. Daar wordt gesproken over zes bardos. De bardos worden omschreven als overgangssituaties of tussenfasen. Zo is de pijnlijke bardo van sterven (hoofdstuk 5) een overgangssituatie tussen het begin van ons sterven en ons feitelijke sterven. Enzovoort. We kunnen leren om al in ons dagelijks leven met dergelijke overgangssituaties om te gaan. Dat helpt ons in alle overgangssituaties tijdens ons leven én ons sterven. Aan het eind van het hoofdstuk wordt beschreven welke beoefeningen/reflecties uit deel 2 direct aansluiten bij dit hoofdstuk.

Hoofdstuk 2. Natuurlijke bardo van leven

Dit hoofdstuk gaat over ons huidige leven, de natuurlijke bardo van leven. Dat is de fase tussen onze conceptie en het begin van ons overlijden. Een belangrijk thema in deze fase is hoe we ons leven betekenisvol kunnen maken. We kunnen dat beter als we de eindigheid van ons bestaan erkennen. We maken ons leven betekenisvol door tijdens ons leven aandacht te besteden aan in het bijzonder drie onderwerpen, namelijk mededogen, de tijdelijkheid van ons bestaan en de wet van karma, de wet van oorzaak en gevolg. Aan het eind van het hoofdstuk wordt  beschreven welke beoefeningen/reflecties uit deel 2 direct aansluiten bij dit hoofdstuk.

Hoofdstuk 3. Bardo van meditatie

Dit hoofdstuk gaat over de bardo van meditatie. Het gaat over onze meditatie. Dit is een onderdeel van ons menselijk bestaan. In dit hoofdstuk wordt beschreven hoe ons pad van meditatie in vier fasen vorm kan krijgen: beseffen dat we een geest hebben (1), het temmen van onze geest (2), vertrouwd raken met onze geest (3) en vertrouwd raken met de essentie van onze geest. Dit wordt het natuurlijke heldere gewaarzijn genoemd (4). Aan het eind van het hoofdstuk wordt  beschreven welke beoefeningen/reflecties uit deel 2 direct aansluiten bij dit hoofdstuk.

Hoofdstuk 4. Bardo van dromen en slapen

Dit hoofdstuk gaat over de bardo van dromen en slapen. Ook die momenten zijn een onderdeel van ons leven. Deze overgangssituatie bestaat uit drie soorten beoefeningen: droomyoga, slaapyoga en de training in illusoire vormen. Alle drie de beoefeningen kunnen ons helpen om wat lichter in ons leven te staan. Ook kunnen ze ons helpen bij de overgangssituaties tijdens en na ons sterven. Ze dragen elk op eigen wijze bij. Droom- en slaapyoga vinden plaats in de nacht, de training in illusoire vormen vindt overdag plaats. Aan het eind van het hoofdstuk wordt  beschreven welke beoefeningen/reflecties uit deel 2 direct aansluiten bij dit hoofdstuk.

Hoofdstuk 5. Pijnlijke bardo van sterven

Dit hoofdstuk beschrijft de pijnlijke bardo van sterven. Deze overgangssituatie beschrijft het proces van het begin van ons sterven tot ons uiteindelijke sterven. Er wordt beschreven hoe ons lichaam uiteenvalt en hoe onze geest aan het eind van dit proces ons lichaam verlaat. De geest verlaat het lichaam in deze visie overigens pas 1-3 dagen na de laatste adem. De Tibetaans boeddhisme kent dus een ander moment van sterven dan in de Westerse opvatting. Aan het eind van dit hoofdstuk wordt beschreven welke beoefeningen/reflecties in deel 2 direct aansluiten bij dit hoofdstuk.

Hoofdstuk 6. Heldere bardo van dharmata

Dit hoofdstuk beschrijft wat direct na het sterven gebeurt in de tussenfase van de heldere bardo van dharmata. Het gaat hier om een tussenfase tussen het moment van sterven (1-3 dagen na de laatste adem) en het begin van onze tocht naar een reïncarnatie (de karmische bardo van worden). Met name in deze tussenfase hebben we de mogelijkheid om ons te bevrijden van de cyclus van leven, sterven en een wedergeboorte. Dat lukt als we in staat zijn ons met de essentie van ons geest, het natuurlijke heldere gewaarzijn te verbinden. Aan het eind van dit hoofdstuk wordt beschreven welke beoefeningen/reflecties in deel 2 direct bij dit hoofdstuk aansluiten.

Hoofdstuk 7. Karmische bardo van worden

Dit hoofdstuk beschrijft wat er gebeurt als we onze kans om ons te bevrijden van de cyclus van leven, sterven en een wedergeboorte in de heldere bardo van dharmata gemist hebben. We komen dan in de karmische bardo van worden. Hier gaat het om de overgangssituatie tussen de heldere bardo van dharmata en het moment van onze wedergeboorte. Het is mogelijk om ons ook in deze fase nog te bevrijden van de cyclus van leven, sterven en wedergeboorte. We moeten er dan wel met onze aandacht vol bij zijn. Dat is in deze fase een stuk lastiger dan in de vorige. Aan het eind van dit hoofdstuk wordt beschreven welke beoefeningen/reflecties uit deel 2 direct aansluiten bij dit hoofdstuk.

Hoofdstuk 8. De zes basisverzen

Dit hoofdstuk beschrijft de zes basisverzen. Deze zes basisverzen beschrijven de kern van de zes bardos/overgangssituaties zoals die in de hoofdstukken 2 t/m 7 zijn beschreven. Aan het eind van dit hoofdstuk wordt beschreven welke beoefening uit deel 2 direct aansluit bij dit hoofdstuk.